Gepubliceerd op dinsdag 24 september 2019 10 u.
Wandelen en fietsen in onze gemeente!

In onze gemeente is het goed om te wandelen en te fietsen. Het gemeentebestuur investeert dan ook voortdurend in de veiligheid van de zwakke weggebruiker. In sommige gevallen is een fietspad de ideale oplossing, maar vaak zijn andere oplossingen meer aangewezen, zoals bijvoorbeeld fietssuggestiestroken, straten met beperkt eenrichtingsverkeer of doorlopende straten. Maar wat is nu het verschil tussen een fietspad en zo een fietssuggestiestrook? En hoe maak je als wandelaar of fietser hier correct gebruik van? We lijsten het even voor je op.

 

Een fietssuggestiestrook wordt aangeduid door een gekleurde strook of het gebruik van een ander materiaal dan de rijbaan. Het toont de fietser de beste rijpositie op de weg, laat andere weggebruikers de mogelijke aanwezigheid van fietsers zien en helpt de automobilisten om voldoende afstand te houden. Een mooi voorbeeld hiervan is de Halstraat in Berkenbos.

Een fietspad maakt echter geen deel uit van de rijbaan en wordt duidelijk gemarkeerd door de dubbele onderbroken witte lijnen of door een blauw verkeersbord en met een groene strook van de weg gescheiden. Een belangrijk verschil is dat automobilisten niet mogen rijden, stilstaan of parkeren op een fietspad. Op fietssuggestiestroken mogen wel auto’s rijden en hebben fietsers geen voorrang terwijl ze dat wel hebben op een fietspad. In woonwijken maken we bewust de keuze om geen fietspaden of fietssuggestiestroken aan te leggen. Door hun ligging en functie zijn deze straten meer geschikt voor gemengd verkeer.

In een straat zoals de Lambert Hoelenstraat in Bolderberg geldt het principe van beperkt eenrichtingsverkeer. Hier mogen fietsers tegen de gangbare richting in rijden om zo omwegen en drukke straten te vermijden. Een andere variatie is de doorlopende straat zoals Heikant richting Boekterheide. Deze geeft geen doorgang voor automobilisten, maar wel voor de zwakke weggebruiker.

Als fietser ben je natuurlijk ook zelf verantwoordelijk voor je eigen veiligheid op de weg. In een bebouwde kom mogen fietsers met twee naast elkaar rijden, ook in eenrichtingsstraten. Voorwaarde is dat tegenliggers elkaar veilig kunnen kruisen. Buiten de bebouwde kom mogen fietsers ook naast elkaar rijden, maar moeten ze achter elkaar rijden als er langs achter verkeer nadert.

En hoe zit het nu met wandelen? Uiteraard gebruiken voetgangers het trottoir of de begaanbare berm. Wanneer deze ontbreekt, dan is het fietspad of de rijweg de enige oplossing. Op de baan houden wandelaars zich zo dicht mogelijk bij de rand en lopen links in de door hen gevolgde richting. Op die manier worden ze niet verrast door automobilisten. Wanneer voetgangers gebruik maken van het fietspad, dan moeten ze uiteraard voorrang verlenen aan de tegemoetkomende fietsers en bromfietsers. Voor wandelen in groep gelden er andere afspraken. Groepen, vergezeld van een leid(st)er, stappen rechts op de rijbaan.